Herdenken in coronatijd

Deze week herdenken we dat we 75 jaar geleden bevrijd zijn. Best raar om de dit te herdenken in vrijheid die niet echt vrij is. We zijn, volgens verschillende media, op dit moment in oorlog met een virus. Nederland ligt voor een deel plat. Kinderen zitten thuis, restaurants zijn dicht en winkels doen alle moeite om, in beperkte mate, open te zijn. Het is een hele rare tijd.
Een aantal maanden geleden kreeg ik te horen dat de nationale herdenking op de Dam dit jaar, vermoedelijk, drukker zou worden dan andere jaren. Dit doordat het 75-jarig jubileum is en omdat de koning een toespraak zou houden. Ik zou deze dag verantwoordelijk zijn voor het crowd management en de maatregelen die daarvoor bestemd waren. Het zou een herdenking worden als nooit tevoren. Nu, op 4 mei 2020, ziet het er echt naar uit dat we deze herdenking nooit meer zullen vergeten. Op de Dam is geen publiek aanwezig en zal ook afgezet zijn. De koning gaat wel een toespraak houden, maar dan wel op een lege Dam. Hiermee houdt ook meteen mijn taak op voor deze avond.

Er zullen mensen zijn die zich afvragen of het überhaupt nog wel kan zo’n grote herdenking. Ik denk van wel. Misschien moet het wel kleiner, maar ik vind zelf dat je moet blijven herdenken. Helemaal als je de verhalen hoort van de mensen die de oorlog bewust hebben meegemaakt. Ik moet dan terugdenken aan mijn opa.
Mijn opa, geboren op 16 oktober 1911 en overleden op 2 mei 2009 is 97 jaar oud geworden. Het was altijd opvallend dat mijn opa in de periode eind april en begin mei veel vertelde over de oorlog. Zonder dat wij erom vroegen vertelde hij allerlei verhalen. Mijn opa en oma woonden in de Amsterdamse wijk de Pijp. In het begin van de oorlog hadden ze 1 dochter, mijn tante. Mijn opa vertelde altijd over de onderduikers die zij een periode hadden gehad in de oorlog, en dat ze bijna gesnapt waren. Iedereen was verplicht om in de avond zijn ramen te verduisteren zodat de geallieerde vliegtuigen geen steden konden herkennen. Op 1 avond waren mijn opa en oma vergeten om 1 raam te verduisteren. Dit was gezien vanaf de straat en de bezetter had door het raam naar binnen geschoten. Vervolgens zijn ze ook binnen in de woning geweest, maar ze hebben het raam nooit gevonden dat niet verduisterd was. Dit was namelijk een raam van een kamertje dat aan de woonkamer vast zat. De bezetter heeft deze kamer niet gevonden, en heeft verder ook niet door het huis gezocht. Dit is hun redding geweest.

Ook vertelde mijn opa altijd het verhaal dat hij verboden krantjes vervoerde in zijn fietstassen. Hij reed door de Ferdinand Bolstraat op weg naar huis. Hij zag toen dat er razzia’s bezig waren op de Ceintuurbaan. Mijn opa moest daarlangs en is afgeslagen een andere straat in. Hij is ervan overtuigd dat hij, door het afslaan, nog leefde.

Dit is het verhaal van een getuige van de 2e wereldoorlog. Als je de andere verhalen van deze oorlog hoort van hele families die uitgemoord zijn lijkt het mij genoeg reden om deze gruwelheden te blijven herdenken. Er gaat een periode komen, en ik vermoed dat dat binnen nu en een jaar of 5 is, dat er geen helden, getuige, slachtoffer, toeschouwer en dader meer leven die de 2e wereldoorlog heeft meegemaakt. Ook dan moet je blijven herdenken. Het litteken blijft bij de volgende generaties, helemaal als je behoort tot de groep die uitgemoord is.

Nationale herdenking 2018, Dam Amsterdam

Vanavond, maandag 4 mei 2020 om 20:00 uur, ben ik thuis. Ik zal kijken naar een lege Dam waar de Koning en Koningin hun kransen zullen leggen. Ik zal luisteren naar de trompettist die “The Last Post” blaast. Daarna zal ik 2 minuten stil zijn en alleen maar de vogels horen die over de Dam vliegen. Na het Wilhelmus zal ik naar de Koning luisteren. Als alles dan achter de rug is zal ik waarschijnlijk zeggen: ”De nationale herdenking van 2020 zal ik nooit meer vergeten”.  Morgen, op dinsdag 5 mei 2020, zal ik hopen dat we snel bevrijd worden van dit klote virus.

Joeri

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *